Kenniscentrum EVC logo

 

english
linkedin

Met de transitie van het EVC-systeem naar een systeem van validering wordt de focus op EVC als het enige instrument voor het erkennen en waarderen van verworven competenties verlaten. In het systeem van validering wordt onderscheid gemaakt tussen de arbeidsmarktroute en de onderwijsroute. Welke ondersteuning komt er voor de beide routes?

Met validering van eerder verworven competenties wordt in kaart gebracht over welke kennis en kunde volwassenen beschikken, ongeacht waar en hoe zij die kennis en kunde verworven hebben (werkervaring, vrijwilligerswerk, opleiding of cursus). Validering van verworven competenties is een belangrijk instrument dat ingezet kan worden bij zowel de loopbaanontwikkeling van volwassenen op de arbeidsmarkt (de arbeidsmarktroute) als bij de scholingstrajecten voor volwassenen in het mbo en het hoger onderwijs (de onderwijsroute).

Validering in de onderwijsroute
In 2015 zijn, in navolging van het advies van commissie Rinnooy Kan (Flexibel  hoger onderwijs voor volwassenen, maart 2014), verkenningen uitgevoerd naar een steunpunt validering voor het mbo en het hoger onderwijs. Uit de verkenning in het hoger onderwijs bleek enige behoefte aan ondersteuning. Daarbij plaatsten onderwijsinstellingen validering in de context van flexibel onderwijs en de vragen en behoeften die op dat punt leven. Ook bij de verkenning in het mbo bleek een behoefte aan ondersteuning aanwezig en adviseerden gesprekspartners van onderwijsinstellingen, MBO Raad en het NRTO deze ondersteuning dicht bij de onderwijsinstellingen te organiseren.

In het hoger onderwijs wordt de ondersteuning op het gebied van validering verbonden aan de in 2016 te starten pilots flexibel hoger onderwijs. Op basis van de ontwikkelingen en ervaringen wordt vervolgens bezien of een steunpunt validering hoger onderwijs wenselijk en haalbaar is.

In het mbo gaat het Servicepunt Examinering vanaf 1 januari 2016, gedurende twee jaar de mbo-instellingen ondersteunen bij de validering van eerder verworven kennis en vaardigheden van volwassenen. Het Servicepunt geeft voorlichting over validering, stimuleert het delen goede voorbeelden van validering en faciliteert kennisdeling. Het Servicepunt Examinering is onderdeel van MBO Diensten, de projectorganisatie van de MBO Raad, en richt zich op ondersteuning van mbo-instellingen  bij de kwaliteitsborging van examinering

Validering in de arbeidsmarktroute
Sociale partners hebben in 2015, ter versterking van beschikbaarheid en gebruik van validering voor loopbaanmobiliteit op de arbeidsmarkt, voorbereidingen getroffen voor een kwaliteitskeurmerk voor EVC-aanbieders in de arbeidsmarktroute. Voor de inrichting van de uitvoeringsorganisatie stelt SZW in 2016 een startsubsidie van 50.000 euro beschikbaar. De uitvoeringsorganisatie wordt ondergebracht bij de Stichting Examenkamer en krijgt de naam Nationaal Kenniscentrum EVC.

Fiscale faciliteiten EVC nog tot eind 2017 van toepassing
De huidige regierol van OCW voor de kwaliteitsborging van EVC-aanbieders in zowel arbeidsmarktroute als onderwijsroute wordt gefaseerd afgebouwd. Met in onderwijswet- en regelgeving opgenomen kwaliteitswaarborging (bijvoorbeeld voor het verlenen van vrijstellingen)  is een kwaliteitsborging van EVC-aanbieders in de onderwijsroute niet nodig. EVC-aanbieders kunnen nog tot en met 2017 ervaringscertificaten afgeven met vermelding van de OCW-erkenning. De huidige fiscale faciliteiten voor de kosten van een ervaringscertificaat voor werkgever en werknemer blijven nog van toepassing in 2016 en 2017.

Verbinding
In het Algemeen Overleg van 21 januari 2015 is in 2015 werd geconstateerd dan het van belang is aandacht te besteden aan de relatie tussen de validering in de arbeidsmarktroute en in de onderwijsroute. Recentelijk is een onderzoek uitgevoerd (0-meting) onder EVC-aanbieders en examencommissies om de ontwikkelingen rondom (de verbinding tussen) arbeidsmarkt en de onderwijsroute in kaart te brengen. Het maken van goede samenwerkingsafspraken vooraf en regelmatige evaluatie tussen private aanbieders van validering en onderwijsinstellingen blijkt cruciaal; door hierin te investeren is een goede verbinding mogelijk. Ook in de toekomst zal gemonitord worden hoe de verbinding gestalte krijgt.