kenniscentrum-evc-logo-wit

 

Op 28 januari jl. organiseerde het Kenniscentrum EVC een bijeenkomst met een aantal sectoren om verkennend te praten over mogelijkheden voor intersectorale mobiliteit op de arbeidsmarkt. Ook de inzet van EVC als instrument om mobiliteit te bevorderen was onderwerp van gesprek.

Aanwezig waren:
• A+O-fonds Metalektro (Stichting Arbeidsmarkt en Opleiding in de Metalelektro)
• A+O-fonds  VVT (Stichting Arbeidsmarkt- en Opleidingsbeleid Verpleeg-, Verzorgingshuizen en Thuiszorg)
• A+O-fonds Rijk
• A+O-fonds Gemeenten • O&O-fonds GGZ (Arbeidsmarktfonds Geestelijke Gezondheidszorg)
• FCB (de arbeidsmarktorganisatie van en voor de branches Welzijn & Maatschappelijke Dienstverlening, Jeugdzorg en Kinderopvang)
• Mbo Raad (brancheorganisatie van de onderwijsinstellingen in het middelbaar beroepsonderwijs en de volwasseneneducatie)
• Kenniscentrum EVC.

Nut van intersectorale mobiliteit

Mobiliteit levert een belangrijke bijdrage aan het oplossen van arbeidsmarktknelpunten met wisselende schaarste en overschotverhoudingen. Deze zijn makkelijker op te vangen met werknemers die mobiel zijn en met werkgevers die deze mobiliteit faciliteren en ondersteunen. Het gaat daarbij om het streven naar een kwalitatieve en kwantitatieve match tussen vraag naar en aanbod van arbeid. De verwachting is dat met sectoroverstijgend loopbaanbeleid de duurzame inzetbaarheid van werknemers verbetert. Werknemers kunnen makkelijker een baan vinden die aansluit bij hun talenten, mogelijkheden en voorkeuren, zodat zij gezond en met meer plezier aan het werk blijven. Voor de werkgevers biedt het mogelijkheden om te putten uit een groter arsenaal zijinstromers en om, als dat moet, werknemers eenvoudiger aan ander werk te helpen. Een personeelsbestand dat een groot aanpassingsvermogen bezit vergroot de mogelijkheden om sneller te reageren op de veranderende markt.   Huidige rol van EVC EVC leeft binnen de aanwezige sectoren. Een paar voorbeelden. Voor A+O-fonds Metalektro is EVC vooral een hulpmiddel bij de loopbaanontwikkeling van medewerkers. A+O Metalektro heeft al jaren een subsidieregeling voor EVC. In de VVT is EVC een middel om medewerkers met een niveau 1 of 2 via korte opleidingen toe te leiden naar een hoger niveau van diplomering. A+O-fonds Gemeenten subsidieert EVC al sinds 2001 en ook het A+O-fonds Rijk heeft een scholingsregeling waarbinnen EVC mogelijk is. In de gehandicaptenzorg is EVC ingebed in het personeelsbeleid. In de GGZ gaat een onderzoek van start om duidelijk te krijgen of er behoefte is aan EVC-trajecten  en zo ja op welk (opleidings)niveau en voor welke functies. Een van de conclusies is dat EVC in ieder geval een nuttig instrument is in het kader van duurzame inzetbaarheid en bij loopbaanontwikkeling. Momenteel is er een trend - zeker op hbo-niveau - dat werknemers voor kwalificerende trajecten direct kiezen voor een opleidingstraject en dan ‘binnen de poort’ hun competenties laten toetsen met het oog op vrijstellingen. De vraag is in hoe EVC richting kwalificerende trajecten zich de komende tijd gaat ontwikkelen.

Mogelijke inzet EVC bij arbeidsmobiliteit

EVC kan bij de transities van werknemers van de ene naar de andere branche zeker een rol spelen denken de aanwezigen. EVC biedt werknemers goed inzicht in hun eigen kunnen. En als je weet wat je kan komt een loopbaanstap binnen of buiten de sector eerder in beeld dan wanneer dit zicht ontbreekt. Dit is in lijn met het convenant EVC, dat de overheid, de werknemers- en de werkgeversorganisaties in juni 2012 sloten om zich in te zetten voor de verdere verspreiding van EVC als arbeidsmarktinstrument ter ondersteuning van een Leven Lang Leren. Maar EVC is slechts een middel. Het vormgeven van intersectorale mobiliteit is een onderwerp op zich. Regionale netwerken spelen een belangrijke rol, maar ook landelijke afspraken tussen branches kunnen van belang zijn.

Kansen en belemmeringen

De eerste verkenning van de kansen en belemmeringen voor intersectorale mobiliteit, en de inzet van EVC, levert vooral veel vragen op. Om te beginnen is er draagvlak nodig, zowel landelijk op het niveau van de sociale partners als regionaal en lokaal bij individuele werkgevers en werknemers. Een belangrijk aspect in het verwerven van draagvlak voor intersectorale mobiliteit is bewustwording. Daarbij rijst de vraag hoe het nut van mobiliteit kan worden gecommuniceerd. Dat dus allemaal voordat de inzet van EVC en mogelijk andere loopbaaninstrumenten aan de orde is. Een belangrijk doel is om met een aantal sectoren samen maatregelen en -instrumenten te ontwikkelen en intern draagvlak te vinden. Als dat draagvlak er is zouden er pilots gestart kunnen worden. Reeds eerder opgedane ervaringen kunnen gebruikt worden om in de pilots op voort te bouwen. De aanwezige partijen zijn tevreden over het uitwisselen van gedachten en ervaringen met intersectorale mobiliteit en EVC. Wellicht leidt dit tot een nieuwe ontmoeting in de toekomst.